Tip 1: Start vroeg met portfolio opbouw
Definitie: Het IPMA-assessment toetst niet alleen wat u weet, maar vooral wat u aantoonbaar kunt. Assessoren beoordelen of u consequent succesvol projecten kunt leiden door uw kennis, begrip en vaardigheden effectief toe te passen binnen de competenties uit de IPMA Individual Competence Baseline (ICB).
Veel kandidaten beginnen pas serieus met voorbereiden wanneer het assessment al gepland staat. Dat is een van de grootste risico’s. Assessoren zoeken geen perfecte projecten, maar consistente ontwikkeling en aantoonbare verantwoordelijkheid over tijd.
Een goede voorbereiding kost in de praktijk aanzienlijk meer tijd, energie en aandacht dan de meeste kandidaten vooraf verwachten.
Het schrijven van het ervaringsdocument, de managementsamenvatting en het zelfassessment vraagt namelijk niet alleen tijd om te formuleren — het vraagt dat u uw professionele geschiedenis opnieuw doorleeft. U moet zich concrete projecten, beslissingen, dilemma’s en resultaten herinneren die soms jaren geleden plaatsvonden.
Omdat we in het dagelijks werk volledig gefocust zijn op lopende projecten, is veel waardevolle ervaring simpelweg niet direct “top of mind”.
Typisch merkt u tijdens de voorbereiding dat u tijd nodig heeft om:
-
projecten chronologisch te reconstrueren
-
uw eigen rol en mandaat per project scherp te krijgen
-
kritische situaties en keuzes opnieuw te analyseren
-
resultaten en effecten te onderbouwen
-
feedback en bewijs te verzamelen
-
reflectie te formuleren op uw handelen
Deze fase voelt voor veel kandidaten intensiever dan het daadwerkelijke assessment zelf.
Realistische planning
Wanneer de voorbereiding goed wordt gepland, duurt deze gemiddeld ongeveer vier maanden naast uw reguliere werkzaamheden.
Wilt u bijvoorbeeld vóór de zomer uw assessment afleggen, dan betekent dit in de praktijk:
-
besluit nemen: uiterlijk eind van het voorgaande jaar
-
start voorbereiding: januari/februari
-
indienen documentatie: voorjaar
-
assessment: late lente of vroege zomer
Door deze doorlooptijd te erkennen voorkomt u tijdsdruk, oppervlakkige reflectie en onnodige stress.
Waarom dit werkt
Het IPMA-assessment toetst niet alleen wat u heeft bereikt, maar vooral hoe u handelt als projectleider. Die diepgang ontstaat alleen wanneer u de tijd neemt om uw ervaringen zorgvuldig te reconstrueren en te vertalen naar aantoonbare competenties, inclusief gedrag, samenwerking en context.
Tip 2: Kies uw projecten strategisch
Om in aanmerking te komen voor een IPMA-C assessment moet u aan een duidelijke ervaringseis voldoen: u hebt in de laatste zes jaar minimaal 36 niet-overlappende maanden ervaring als projectmanager of deelprojectmanager van projecten op IPMA-C-niveau (complexiteitsscore > 16).
Niet elk project is geschikt. Projecten op C-niveau hebben doorgaans een tactisch karakter: zij verbinden strategie en operatie en vereisen aantoonbare verantwoordelijkheid voor resultaat, stakeholders en uitvoering.
Een project dat u opvoert moet qua kenmerken minimaal passen binnen het C-niveau in onderstaande projectkarakterisering.
Projectkenmerken (IPMA-C niveau)
|
Kenmerk |
Lager dan C |
C-niveau |
B-niveau |
A-niveau |
|
Niveau van het project volgens u |
|
☐ IPMA C |
☐ IPMA B |
☐ IPMA A |
|
Doorlooptijd volgens plan (maanden) |
☐ < 3 |
☐ 3–9 |
☐ 9–< 18 |
☐ ≥ 18 |
|
Aantal maanden onder uw leiding |
☐ < 3 |
☐ 3–< 9 |
☐ 9–< 18 |
☐ ≥ 18 |
|
Projectmanagement-uren door u |
☐ < 200 |
☐ 200–699 |
☐ 700–2.399 |
☐ ≥ 2.400 |
|
Uren teamleden (excl. uw uren) |
☐ < 1.100 |
☐ 1.100–6.249 |
☐ 6.250–< 30.000 |
☐ ≥ 30.000 |
|
Aantal aangestuurde teamleden |
☐ < 5 |
☐ 5–9 |
☐ 10–29 |
☐ ≥ 30 |
|
Aantal belanghebbende partijen |
☐ < 4 |
☐ 4–7 |
☐ ≥ 8 |
☐ ≥ 16 |
Projectcomplexiteit
Naast omvang en rol is ook de complexiteit bepalend. Deze wordt vastgesteld door het project te scoren op tien dimensies.
Score per dimensie:
1 = Zeer lage complexiteit
2 = Lage complexiteit
3 = Hoge complexiteit
4 = Zeer hoge complexiteit
Een project telt alleen mee voor IPMA-C wanneer de totale score minimaal 16 bedraagt.
Complexiteitsscore per project
|
Project |
1 |
2 |
3 |
4 |
5 |
6 |
7 |
8 |
9 |
10 |
|
Output-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Proces-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Input-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Risico-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Strategie-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Organisatie-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Sociaal-cultureel |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Team-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Innovatie-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Autonomie-gerelateerd |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
|
Totaalscore per project |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
0 |
Praktische toelichting
Veel kandidaten vinden het lastig om deze abstracte criteria te vertalen naar hun eigen projecten. In dat geval kan begeleiding door een IPMA Keurmerkopleider die gespecialiseerd is in rapportbegeleiding waardevol zijn, met name bij het onderbouwen van de complexiteit en uw rol daarin.
Een project voldoet overigens niet alleen door omvang of budget. Doorslaggevend is dat u het project daadwerkelijk heeft geleid en verantwoordelijk was voor het realiseren van het resultaat.
Tip 3: Laat je persoonlijkheid zien
Assessoren proberen uit uw documentatie een duidelijk beeld te vormen van het type projecten dat u leidt, de aard van de uitdagingen en de manier waarop u als projectmanager opereert.
Sommige projectmanagers worden ingezet om vastgelopen infrastructuurprojecten vlot te trekken. Anderen zijn sterk in het leiden van hoogopgeleide specialisten in complexe verandertrajecten.
Uw managementsamenvatting en zelfassessment moeten daarom méér zijn dan een opsomming van feiten. Zij moeten een samenhangend verhaal vertellen dat uw aanpak tot leven brengt.
Een effectieve aanpak is om het document niet direct “in te vullen”, maar eerst per project een korte narratieve schets te schrijven. Zo worden uitdagingen, dilemma’s en bijzondere situaties weer zichtbaar.
Geef uw beschrijvingen een holistisch karakter. Het gaat niet alleen om wat er moest worden bereikt en hoe, maar vooral om hoe u betrokkenen wist mee te krijgen.
Kernvraag: Wat typeert u als projectmanager, en waarom werkt die aanpak?
Tip 4: Bereid je voor op kritische vragen
Het interview is bedoeld om te toetsen of uw documentatie een betrouwbaar beeld geeft van uw competenties.
Wanneer u wordt uitgenodigd, voldoet u op papier al aan de formele eisen. Assessoren hebben uw documenten en referentenfeedback bestudeerd en zoeken bevestiging of verduidelijking.
Vragen kunnen ontstaan door onduidelijkheden, interpretaties of tegenstrijdigheden.
Typische vragen:
-
Waarom koos u voor deze aanpak?
-
Wat waren uw afwegingen?
-
Wat zou u nu anders doen?
-
Hoe ging u om met weerstand?
-
Wat was uw grootste fout?
-
Hoe beïnvloedde u stakeholders?
Assessoren zoeken geen perfecte antwoorden, maar reflectie en verantwoordelijkheid.
Het interview is een dialoog tussen vakgenoten. Kandidaten die hun verhaal vooraf hardop bespreken, kunnen hun ervaringen doorgaans duidelijker verwoorden.
Tip 5: Begrijp het IPMA competentiemodel echt
De ICB4 beschrijft 28 competenties verdeeld over context, mensen en praktijk.
Competentie betekent dat u:
-
weet welke aanpak in welke situatie nodig is
-
deze kunt toepassen
-
mensen kunt meenemen
-
resultaten realiseert
-
reflecteert en verbetert
Het assessment is geen theorie-examen, maar uw verhaal moet wel aansluiten bij fundamentele projectprincipes.
De STAR-structuur helpt om uw bijdrage zichtbaar te maken: Situatie, Taak, Actie, Resultaat.
Tip 6: Toon leiderschap, geen coördinatie
Projectcoördinatie is niet hetzelfde als projectmanagement. Wanneer belangen botsen, is leiderschap nodig om betrokkenen achter een gemeenschappelijk doel te krijgen.
Als iedereen het al eens is, is een projectmanager nauwelijks nodig.
Beschrijf daarom hoe u conflicten overbrugde, richting gaf en draagvlak creëerde.
Vermijd het “wij-verhaal”. Assessoren willen weten wat ú deed.
Tip 7: Onderbouw resultaten met feiten
Een overtuigend dossier bevat aantoonbare resultaten.
Maak concreet welk effect uw handelen had, bijvoorbeeld:
-
naleving van planning en budget
-
vermindering van risico’s
-
herstel van vertrouwen
-
versnelling van besluitvorming
-
realisatie van doelen
Ook kwalitatieve effecten zijn waardevol, mits duidelijk beschreven.
Tip 8: Laat zien hoe u omgaat met onzekerheid
Onzekerheid hoort bij projecten. Assessoren kijken naar hoe u reageert wanneer plannen niet meer kloppen.
Beschrijf hoe u analyseerde, bijstuurde en koers hield.
Een projectmanager op C-niveau handelt adaptief, niet reactief.
Tip 9: Besteed aandacht aan context
Projecten worden beïnvloed door strategie, cultuur en externe factoren.
Door deze context expliciet te beschrijven, wordt duidelijk waarom bepaalde keuzes logisch waren.
Tip 10: Oefen uw verhaal hardop
Zelfs een sterk dossier kan minder overtuigend zijn als u uw ervaringen niet helder kunt toelichten.
Door te oefenen:
-
ontdekt u onduidelijkheden
-
wordt uw verhaal consistenter
-
groeit uw zelfvertrouwen
Wat assessoren zoeken (competenties in actie)
Assessoren beoordelen geen theorie, maar uw handelen als projectmanager in een realistische context. Zij willen zien dat u niet incidenteel succes heeft gehad, maar dat u voorspelbaar en herhaalbaar projectsucces realiseert — juist wanneer de druk toeneemt en belangen uiteenlopen. In uw documentatie zoeken zij daarom naar “competenties in actie”: zichtbare keuzes, interventies en gedrag die het verschil maakten.
Concreet letten assessoren vaak op de volgende signalen:
-
Samenhang in uw verhaal
Uw ervaringsdocument, managementsamenvatting, zelfassessment en referentenfeedback moeten een consistent beeld geven. Niet identiek, wel logisch aanvullend. -
Uw persoonlijke bijdrage
Wat deed u zelf, waarom deed u dat en welk effect had het? Assessoren zoeken naar uw regie, niet naar een algemeen projectverhaal. -
Leiderschap onder belangentegenstellingen
Projecten worden complex wanneer mensen het niet vanzelf eens zijn. Assessoren willen zien hoe u partijen verbindt, weerstand adresseert en besluitvorming tot stand brengt. -
Situationele aanpak
Niet één standaardmethode, maar keuzes die passen bij de context: projectfase, mandaat, stakeholders, risico’s en urgentie. U laat zien dat u kunt aanpassen zonder de koers te verliezen. -
Reflectie en leervermogen
Een foutloos project is niet nodig. Wel willen assessoren zien dat u eerlijk analyseert wat beter kon, welke lessen u trok en hoe u dit toepast in volgende projecten. -
Resultaten én effecten
Niet alleen opleveren, maar ook aantonen wat het opleverde. Waar mogelijk met feiten (tijd, geld, kwaliteit), en waar relevant met de menselijke impact (vertrouwen, samenwerking, draagvlak).
Een praktische toetsvraag voor uzelf
Als u bij een voorbeeld niet helder kunt beantwoorden: “Wat was mijn keuze, mijn interventie en mijn effect?”, dan is het voorbeeld meestal nog te algemeen. Maak het concreter, en koppel het expliciet aan de situatie en het resultaat.
Veelgebruikte formuleringen, en hoe het beter kan
|
Veelgebruikte formulering |
Sterkere, IPMA-gerichte beschrijving |
|
“Er was weerstand.” |
“Ik heb belangen van sleutelstakeholders opgehaald en een aanpak gekozen die zowel zorgen adresseerde als tempo hield.” |
|
“Het project liep vertraging op.” |
“Na analyse heb ik met de stuurgroep prioriteiten herijkt en een herstelplan opgesteld met nieuwe beslismomenten.” |
|
“We hebben het opgelost.” |
“Ik heb alternatieven laten uitwerken, afwegingen expliciet gemaakt en besluitvorming gefaciliteerd.” |
|
“Het team werkte goed samen.” |
“Ik heb rollen aangescherpt, conflicten bespreekbaar gemaakt en afspraken vastgelegd, waardoor samenwerking stabieler werd.” |
U hoeft niet alles perfect te formuleren. Wel helpt het om uw verhaal zó concreet te maken dat assessoren zonder interpretatie kunnen zien hoe u als projectmanager handelt.
Klaar om uw IPMA C assessment in één keer goed te doen?
Een sterke voorbereiding maakt het verschil tussen twijfel en vertrouwen. Met professionele rapportbegeleiding vergroot u niet alleen uw slagingskans, u versnelt het traject en voorkomt onnodige herzieningen of vertraging. Onze gespecialiseerde IPMA-rapportbegeleiders kennen het assessment van binnenuit en begeleiden u stap voor stap naar een consistent, overtuigend en inhoudelijk sterk dossier. Niet voor niets is ons slagingspercentage 100%.
Wilt u zekerheid, structuur en een first time right aanpak? Vul dan het onderstaande contactformulier in of bel ons direct op 030-2211987. We bespreken graag hoe wij u gericht kunnen ondersteunen bij uw IPMA C traject.